Verborgen dierenleed bij konijnen

Konijnen zijn leuke huisdieren. Ze zijn zindelijk te krijgen, vrij eenvoudig te trainen en ze zijn erg goed gezelschap Helaas is er in de konijnenhouderij ook veel verborgen dierenleed. In dit artikel bespreken wij met dierenarts en veterinair consultant Piet Hellemans een aantal do’s en don’ts bij het houden van konijnen. 

Don’t: konijn alleen houden

Konijnen zijn (net als honden, paarden en mensen) bijzonder sociale wezens en hebben dus behoefte aan een soortgenoot om zich heen. Een konijn kan niet alleen gehouden worden zonder het welzijn van het dier aanzienlijk te schaden. Een koppeltje konijnen (mannetje en vrouwtje) gaat bijna altijd goed, maar moet wel met beleid samengesteld worden en het mannetje moet gecastreerd zijn. Het vrouwtje bij voorkeur ook gesteriliseerd. 

Do: konijnen koppelen

Twee konijnen met elkaar kennis laten maken kan er hard aan toe gaan. Het koppelen moet dan ook voorbereid worden en begeleid worden door iemand met ervaring. Het beste is om de konijnen te koppelen op een neutraal terrein (dus niet het verblijf van één van de konijnen). Als het kennismaken in een gevecht uitloopt moet er soms ingegrepen worden.
Mocht je een konijn alleen hebben zitten, neem dan contact op met een konijnenopvang of asiel in de buurt en laat je door hen adviseren omtrent een geschikt maatje en de mogelijkheid van koppelen.  

Do: controleer het gebit van je konijn

Konijnen zijn geen knaagdieren, ze behoren tot de orde van de haasachtigen maar hebben wel veel overeenkomsten met knaagdieren. Zo hebben beide een doorgroeiend gebit; het gebit (snijtanden en kiezen) groeien een leven lang door, zelfs met 1 mm per week! De tanden moeten dus veel en goed gebruikt worden om weer af te slijten. Hooi en vers water moeten bijvoorbeeld altijd beschikbaar zijn om het gebit en het maagdarmkanaal gezond te houden en tegemoet te komen aan de knabbelbehoefte. Als baasje is het goed om regelmatig naar de snijtanden van je konijnen te kijken. Als deze langer worden of scheef afslijten, dan is er waarschijnlijk een probleem met het gebit. Laat je konijn in dat geval door een dierenarts onderzoeken. Als je merkt dat één van je konijnen minder graag eet, of met name het hooi links laat liggen, ga dan ook even bij je dierenarts langs om het gebit te laten controleren. Als konijnen te weinig op ruwvoer (hooi en gras) kauwen, dan groeit het gebit door zonder voldoende te slijten en zullen de tanden en kiezen uiteindelijk in de tong en wang gaan groeien. Dit is ongetwijfeld zeer pijnlijk maar de meeste konijnen laten dat amper zien. Dit komt doordat konijnen dieren zijn die in de natuur prooidieren zijn; als zij een zwakte of ziekte laten zien, zal dit een roofdier ook opvallen en zijn ze ten dode opgeschreven. Ze weten dus maar al te goed dat ze zich niet zwak of ziek moeten voordoen. Een ziek konijn of een konijn met veel pijn is soms alleen wat rustiger of eet minder (ruw)voer. Het kan ook gebeuren dat een konijn door ziekte of verkeerde voeding een tijd zijn tanden en kiezen niet genoeg gebruikt en daardoor een gebitsprobleem ontwikkelt en vervolgens niet meer kan eten. Zo wordt het een nare neerwaartse spiraal. Gebitsproblemen komen vaker voor bij zeer kleine en extreem grote konijnen dan bij konijnen van een gemiddelde grootte.

Don’t: konijn in vocht en tocht

Konijnen kunnen het hele jaar door buiten gehouden worden, mits er een beschut en droog deel met lekker veel stro is in hun verblijf. Konijnen die binnen gehouden worden kunnen in de zomer naar een buitenverblijf verplaatst worden. Als de temperatuur in het najaar gaat dalen, ontwikkelen ze een dikke wintervacht. Konijnen kunnen goed tegen kou, maar tegen vocht en tocht zijn ze absoluut niet bestand.

Do: maak een konijnentoilet in het hok

De meeste konijnen hebben een voorkeursplek in hun hok om te plassen en poepen. Hier kun je een konijnentoilet plaatsen, zodat dit hoekje (en de rest van het hok) beter schoon blijft. Verschoon wekelijks het gehele hok en controleer dagelijks of de bodembedekking nog droog is en het hok niet naar ammoniak stinkt. Bij stank of vochtigheid moet je het hok uiteraard verschonen. Het konijnentoilet kun je om de dag verschonen.

Do: kam of pluk je konijn regelmatig

De meeste konijnen ruien twee keer per jaar. Met name de dikke ondervacht kan problemen geven als hij niet goed loslaat. Om te voorkomen dat konijnen veel haren binnenkrijgen en er haarballen in de maag ontstaan, is het goed om hen te kammen of de losse haren voorzichtig weg te plukken. Controleer ook dagelijks de achterkant van je konijnen; in de ochtend produceren de dieren blindedarmkeutels; deze zijn wat zachter en plakkeriger dan de normale keutels, en horen door de konijnen weer opgegeten te worden. Als dit niet gebeurt, blijven deze keutels aan de anus plakken en leggen vliegen er eitjes in, waarna er maden uitkomen die aan het konijn gaan eten: en dat wil je natuurlijk voorkomen! Als een konijn zijn blindedarmkeutels niet opeet, is het verstandig om hem of haar door je dierenarts te laten onderzoeken. Je konijn heeft dan waarschijnlijk een gebitsprobleem of andere ziekteverschijnselen.

Do: laat je konijn vaccineren

Om konijnen te beschermen tegen myxomatose en VHD (twee dodelijke konijnenvirussen) moeten ze jaarlijks ingeënt worden. Deze ziektes worden, onder andere, door stekende insecten overgebracht, dus ook binnenkonijnen moeten gevaccineerd worden. Je kunt je konijn gewoon bij je dierenarts laten vaccineren. Overigens is er tegenwoordig ook een vaccin verkrijgbaar dat twee jaar geldig is.

Do: laat je konijn castreren of steriliseren

Konijnen staan bekend om hun snelle voortplanting. Om dit te voorkomen is het verstandig om in ieder geval het mannetje te laten castreren. Maar ook het steriliseren van het vrouwtje kan geen kwaad. Vrouwtjes krijgen, als ze ouder, zijn vaak ontstekingen en tumoren aan hun baarmoeder, dus het steriliseren van het vrouwtje heeft ook medische voordelen. Als je twee mannetjeskonijnen (rammetjes) bij elkaar houdt, moeten ze ook beiden gecastreerd zijn om vechten te voorkomen. Mannetjes blijven nog enkele weken na hun castratie agressief naar andere rammen en zelfs vruchtbaar! Wacht dus minimaal drie weken na een castratie met het koppelen van een mannetjeen vrouwtje (voedster).

Do: houd rekening met kosten

Konijnen zijn, net als honden en katten, huisdieren die vaste kosten met zich meebrengen. Denk aan  voer, hooi, bodembedekking en de jaarlijkse gezondheidscontrole en vaccinatie door je dierenarts. Castratie en sterilisatie horen ook bij de vaste kosten. Daarnaast kunnen de kosten als een konijn ziek wordt behoorlijk hoog oplopen en ook hier moet je als konijnenbaasje rekening mee houden. Gelukkig is het tegenwoordig ook mogelijk om konijnen voor ziektekosten te verzekeren.